nieuwsbrief
Asset 14

'We gaan niet alleen naar het museum om vermaakt te worden.'

Beeldbrekers (IIII):'Musea bezoeken is net als goede wijn drinken: je moet het leren.'

In deze serie interviewt Hard//hoofd beeldbrekers: mensen die het kunst- en cultuurveld openbreken en de spelregels veranderen. Aflevering vijf: Letty Ranshuysen was onafhankelijk publieksonderzoekster in de culturele sector. Tijdens haar carrière vertegenwoordigde ze de belangen en wensen van het publiek. Na ruim 25 jaar ging ze uit frustratie met ‘pre-pensioen.’

Mail

Rond de jaren ’00 was Letty Ranshuysen dé deskundige voor publieksonderzoek in musea. Ze ontwikkelde en analyseerde de resultaten van de MuseumMonitor, een meetinstrument waarmee musea informatie verzamelden over hun bezoekers. Naarmate haar carrière vorderde, verschoof haar aandacht steeds meer naar kwalitatief onderzoek: ze voerde gesprekken met (potentiële) museumbezoekers en bepaalde de behoeftes van doelgroepen voor verschillende musea.

Al enkele decennia willen musea toegankelijker zijn voor een breed publiek. Jong en oud, praktisch en theoretisch opgeleid, met Nederlandse en buitenlandse roots: iedereen moet kunnen genieten van alles wat de musea te bieden hebben. En toch is het uw overtuiging -ik citeer- dat museummensen meer op elkaar letten dan op het publiek. Hoe komt dat?
Het heeft volgens mij heel erg te maken met het subsidiestelsel. Om subsidie te krijgen moeten musea enerzijds een zo divers en groot mogelijk publiek bereiken. Anderzijds moeten de tentoonstellingen aan allerlei kwaliteitseisen voldoen. Die kwaliteitscriteria worden bepaald door de incrowd. Dat zijn mensen met veel ervaring in de kunstsector die vaak highbrow opvattingen hebben over wat kwaliteit is. Dat musea zich richten op mensen die in de bovenste regionen van het culturele circuit zitten, is natuurlijk heel ongezond. Ze blijven in een kringetje draaien en krijgen eenzijdige kritiek. Dat is het grote gevaar van een gesubsidieerde kunstwereld.

Waarom is het zo lastig iets aan de oriëntatie op de bovenste regionen te veranderen?
Dat komt door wat ik noem ‘de mythe van het platvloerse publiek’. In de museumsector leeft het onuitgesproken idee dat het publiek niet interessant is. Ik heb meegemaakt dat mensen, die nota bene op afdeling Educatie en Marketing werkten, me vroegen: ‘Vind je het niet vervelend om de hele tijd met dat publiek te praten?’ Dat vond ik bizar: je mag toch verwachten dat juist die medewerkers graag met hun bezoekers in gesprek gaan. Museummedewerkers spraken zelfs een keer over ‘gebloemde olifanten’. Dat waren dan huisvrouwen die het museum bezochten. Naar mijn mening praat je zo niet over je publiek, dan hou je er niet van. Dan wil je eigenlijk dat alleen de incrowd mensen die de échte ‘knowhow’ hebben om de tentoonstelling te kunnen waarderen naar binnen lopen.

Wat het publiek daarvan vond, deed er kennelijk niet toe.

De mening van minder ervaren publiek wordt niet voldoende gewaardeerd?
Nee, of eigenlijk: niet serieus genomen. Ik deed bijvoorbeeld een publieksonderzoek voor organisatoren van museumnachten. Uit dat onderzoek kwamen volgens mij heel interessante resultaten. In het jaarverslag van de organisatie schreef de directie dat ze heel blij was met het onderzoek, maar over de resultaten uit de interviews werd gezegd dat de groep geïnterviewden niet representatief was voor het beoogde publiek. Over punten waar het publiek kritiek op had, zeiden ze ‘dat er bepaalde keuzes aan ten grondslag lagen en die bewust zo ingezet werden.’ Wat het publiek daarvan vond, deed er kennelijk niet toe. Dat is toch belachelijk! Waarom laat je onderzoek uitvoeren als je je eigen keuzes maatgevend vindt?

Werden de opmerkingen van het publiek vaak genegeerd?
Met kwalitatief onderzoek hebben beleidsmakers van musea meer moeite, omdat het gaat om heel concrete uitspraken gedaan door één bezoeker. Dan zijn ze bang dat zo’n uitspraak uit zijn verband wordt gerukt. Dat een hele tentoonstelling wordt afgeschreven als één bezoeker zegt: ‘Ik vind dit helemaal niks.’ Daar zit ontzettend veel angst in.

Sinds u met pensioen bent gegaan worden er geen bevindingen van de MuseumMonitor meer gepubliceerd. Musea proberen nu op eigen houtje informatie te verzamelen over hun bezoekers. Wat vindt u daarvan?
Ach, met de resultaten van MuseumMonitor gebeurde ook niks. Daar deed ik alleen wat mee. We maakten tabellen en daarin kregen de musea hun eigen gegevens naast die van soortgelijke musea. Dan kon een museum zien in hoeverre zijn resultaten afwijken. Dat is heel interessant. Ik zou daar reuzebenieuwd naar zijn als ik op een marketingafdeling werkte. Doet een ander museum het beter dan wij? En hoe komt dat dan?

Ik moest op een gegeven moment een rapportcijfer opnemen in mijn enquête over
de wc’s. Ja kom op, dan ga je toch zelf even kijken. Daar leen ik me niet voor.

Zo kan een museum zien of acties om bijvoorbeeld ander publiek te bereiken effect hebben?
Ja, precies. Musea konden bijvoorbeeld zien of ze inderdaad een jonger publiek bereikten omdat ze misschien wat hipper waren dan de andere musea, maar daar keken ze niet naar. Onderzoek heeft alleen zin als er motivatie is om ernaar te luisteren. Als die bereidheid er is, dan is duur onderzoek volgens mij helemaal niet nodig. Dan ga je als tentoonstellingsmaker zelf je publiek observeren. Ik moest op een gegeven moment een rapportcijfer opnemen in mijn enquête over
de wc’s. Ja kom op, dan ga je toch zelf even kijken. Daar leen ik me niet voor.

Wat is wel belangrijke informatie om te achterhalen in een publieksonderzoek?
Eenvoudig kwantitatief onderzoek blijft heel erg interessant. Als jij bijvoorbeeld een heel duur marketinginstrument hebt ingezet om een tentoonstelling te promoten en je wilt weten of dat werkt, dan is het heel handig om bij de kassa te laten turven waardoor mensen komen. De gegevens uit zulk onderzoek zijn vaak erg abstract. Je moet slim zijn om ze om te zetten naar beleid. Naarmate mijn carrière vorderde, vertaalde ik de uitkomsten van enquêtes steeds meer in aanbevelingen, maar die legden beleidsmakers van het museum meestal naast zich neer, omdat ze vonden dat ik me er niet mee moest bemoeien.

Ik ben steeds meer overgestapt van kwantitatief onderzoek naar kwalitatief onderzoek. Kwalitatief onderzoek geeft veel meer handvatten die medewerkers van het museum kunnen begrijpen. Het geeft bijvoorbeeld inzicht in wat aanslaat en in wat je bezoeker begrijpt en al weet. Ik heb altijd gezegd dat een museum niet boven het niveau van zijn bezoeker moet gaan zitten, want dat maakt mensen onzeker en geeft ze het gevoel dat ze dom zijn. Maar het moet ook zeker niet te laag inzetten. Ik heb veel tentoonstellingen met jongeren geëvalueerd en die gaven vaak aan dat ze zich stoorden aan het kinderlijke toontje, alsof ze een peuter waren. Het museum dient zijn publiek heel serieus nemen. Het moet zich echt in zijn publiek verdiepen en niet alleen in zijn collega’s of in adviescommissies.

In het museum hoor je het publiek zelden ‘mooi’ of ‘kijk’ mompelen. Zijn mensen wel bereid om hun mening te delen?
Nou dat is een kwestie van uitdagen. Natuurlijk beginnen ze door aan te geven geen verstand van kunst of musea te hebben. Waarop ik zei: ‘We hebben u juist gevraagd omdat u er geen verstand van heeft. We willen ontzettend graag horen wat u ervan vindt.’ Dan beginnen ze echt wel te praten. Als mensen zich serieus genomen voelen, dan hebben ze een hoop te vertellen. Mensen worden graag geraadpleegd.

Voor pure recreatie ga je naar de film of naar het zwembad, daar kan een museum niet tegenop.

Musea trekken nu veel nieuwe bezoekers met grote tijdelijke tentoonstellingen met een populair thema, zogenaamde blockbusters. Wat vindt u hiervan?
Mijn eerste museumbezoek - grootmoeder vertelt- was aan het Museum Boijmans van Beuningen, in 1975 bij een expositie over het symbolisme. Dit was een blockbuster. Het was er druk, maar er hing een heel goede vibe. Iedereen was enthousiast. Dat is geweldig en ik ben niet tegen blockbusters, maar musea moeten er wel voor zorgen dat er niet alleen maar blockbusters te zien zijn. Een museum moet heel goed nadenken over z’n formule.

In een recent artikel van de NOS wordt het beeld geschetst dat grote, toegankelijke tentoonstellingen een risico vormen voor de inhoudelijke diepgang van het museum…
Ik vind dat echt onzin. In mijn tijd werd commercialiseren ‘verpretparking’ genoemd. Maar de opvatting dat mensen naar het museum komen puur en alleen om vermaakt te worden, is onjuist. Mensen willen graag leren. Dit kwam naar voren tijdens diepte-interviews over specifieke exposities, maar ook uit kwantitatieve onderzoeken. Als je naar een pretpark wilt, dan ga je echt niet naar een museum. Voor pure recreatie ga je naar de film of naar het zwembad, daar kan een museum niet tegenop.

Waar zouden musea volgens u in moeten investeren?
Ik denk dat musea zich moeten afvragen wat belangrijker is: driehonderd mensen binnenhalen die binnen tien minuten weer weg zijn en weinig van de tentoonstelling meekrijgen, of vijftig mensen binnenhalen die de ervaring van hun leven hebben? Daarom is het kwalitatieve onderzoek ook interessant. Je kan dan aantonen dat mensen een bijna life-changing ervaring kunnen hebben in het museum.

Uit veel van mijn onderzoek kwam naar voren dat bezoekers vinden dat musea moeten
stoppen met allerlei interactieve toeters en bellen en zouden moeten gaan voor de sociale interactie. Het mooie van een museum is juist dat je eens niet achter een beeldscherm gaat zitten, maar samen naar iets kijkt en samen ergens over kan praten. Dat is zeker in deze ge-individualiseerde maatschappij een heel waardevol punt. Musea bezoeken is net als goede wijn drinken: je moet het leren. Een goede gastvrouw of -heer kan daar ontzettend bij helpen.

Beeld: Sophie van Lawick van Pabst

Wil je vertellen waarom jij naar het museum gaat? Mail dan naar sophie@hardhoofd.com.

Sophie van Lawick van Pabst doet sinds begin 2018 onderzoek naar wat er achter de schermen in musea gebeurt. Dit onderzoek maakt deel uit van het afronden van haar opleiding Lifestyle Transformation Design aan de Willem de Kooning Academie.

Lees verder Lees verder

We willen je iets vertellen. Hard//hoofd is al bijna tien jaar een vrijhaven voor jonge en experimentele kunst, journalistiek en literatuur. Een walhalla voor hemelbestormers en constructieve twijfelaars, een speeltuin voor talentvolle dromers en ontheemde jonge honden. Elke dag verschijnen op onze site eigenzinnige artikelen, verhalen, poëzie, kunst, fotografie en illustraties van onze jonge makers. Én onze site is helemaal gratis.

Hoe graag we ook zouden willen; zonder jou kunnen we dit niet blijven doen. We hebben namelijk te weinig inkomsten om dit vol te houden. Met jouw hulp kunnen we de journalistiek, kunst en literatuur van de toekomst mogelijk blijven maken, en zelfs versterken.

Als je ons steunt, dan maken wij jou meteen kunstverzamelaar door je speciaal geselecteerde kunstwerken toe te sturen. Verzamel kunst en help je favoriete tijdschrift het volgende decennium door. We zullen je eeuwig dankbaar zijn. Draag Hard//hoofd een warm hart toe.

Word kunstverzamelaar
het laatste
Tip: Kijk slechte televisie

Kijk slechte televisie

'Ik heb afleveringen van The Real Housewives waar Shakespeares beste stukken niet aan kunnen tippen.' Lees meer

 Kamikazeplastics

Kamikazeplastics

Immuuncellen die de minuscule deeltjes onschadelijk proberen te maken, bekopen dat vervolgens met hun eigen leven. Lees meer

Alles vijf sterren: DEZE SERIE IS GEWOON ZO GOED

Het voert te ver om het hele verhaal uit te leggen

Deze week worden we blij van stekjes, een queer Lees meer

Over wulken en burgemeesters 2

Over wulken en burgemeesters

'Een huis is een constructie, maar een huis is ook een gevoel dat gedeeld wordt. Er blijven sporen achter wanneer bewoners sterven. Een huis verandert terwijl het blijft staan.' Lees meer

We laten ons niet sussen 1

We laten ons niet sussen

Twee weken geleden onthaalden politici en de media 2500 protesterende boeren met open armen op het Malieveld. De 35.000 klimaatstakers en de bezorgde burgers van Extinction Rebellion konden rekenen op een stuk minder steun. Wat is er nodig om de urgentie van de klimaatcrisis echt te laten voelen?, vraagt Jarmo Berkhout zich af. De legers... Lees meer

Tip: Leer een ambacht

Leer een ambacht

Nora van Arkel ging spontaan een dag in de leer bij een Berlijnse Meisterbacker. Daar leerde ze minder te denken en meer te doen. Een tip om eens te vragen of iemand je een ambacht wil leren. Lees meer

 Staakt-het-boeren

Staakt-het-boeren

Duizenden boeren toogden naar het Malieveld met hooivork en tractor. Lees meer

Column: September Blues

September Blues

De maand september is weer voorbij en dat betekent voor Trudy afscheid nemen en opnieuw beginnen. Van haar zomerhuisje op het platteland keert ze terug naar het leven in de stad. Lees meer

Filmtrialoog: Manta Ray

Manta Ray

Redacteuren Eva van den Boogaard, Mat Hoogenboom en Oscar Spaans bezochten de bioscoop om het speelfilmdebuut van de Thaise regisseur Phuttiphong Aroonpheng te zien. Het werd een magische ervaring: Manta Ray bleek een even eenvoudige als betoverende vertelling over een voor dood achtergelaten man die door een visser uit de mangrove wordt gered. Mat: Wat... Lees meer

Hard//talk: Bij gelijke geschiktheid tellen kwaliteit en capaciteit net zo goed

Bij gelijke geschiktheid tellen kwaliteit en capaciteit net zo goed

De wereld staat in brand en dat mag niet onbeschreven blijven. In tegenstelling tot Ella Kuijpers ziet Gatool Katawazi er wél het belang van in om voorkeur te geven aan de sollicitant die de diversiteit binnen een organisatie versterkt. Afgelopen zomer schreef Ella Kuijpers een Hard//talk waarin zij pleit tegen positieve discriminatie in sollicitatieprocedures. Juist... Lees meer

Inclusiviteit

Echte inclusiviteit is nog ver weg

Het debat over diversiteit en inclusiviteit in de culturele sector gaat niet ver genoeg. Lees meer

Tip: Geef het voordeel van de twijfel

Geef het voordeel van de twijfel

Redacteur Else Boer schippert tussen cynisme en naïviteit. 'Om naïviteit te vermijden, besloot ik dat cynisme een adequate reactie op de wereld was. Maar het continu bevragen van mensen en hun beweegredenen is vermoeiend.' Lees meer

Alles vijf sterren: 14

Geen douche, geen geloof, geen adem

Deze week worden we blij van een zeiltripje naar het Markermeer, een serie over verkeerd geplaatste bewijslast, en een dansvoorstelling van Arnhemse meisjes. Lees meer

Hard//talk: Greta Thunbergs requiem voor een droom

Greta Thunbergs requiem voor een droom

Thunberg deinst er niet voor terug een onderdeel te worden van haar eigen verhaal. Lees meer

Automatische concepten 26

Over de column (niets dan goeds?)

Iduna schrijft al jaren columns voor Hard//hoofd en vraagt zich af: hoe komt het toch dat ze ergens alsnog verwarde gevoelens heeft bij het fenomeen 'column'? Een overpeinzing die terugvoert naar Iduna's jaren op de universiteit en de twijfel over de plek die ze in mag nemen in de wereld. Lees meer

Het verlies van succes 2

Het verlies van succes

In een tijd waarin het steeds noodzakelijker lijkt te worden om prestaties te etaleren, denkt Mare Groen na over het systeem achter onze opvattingen aangaande succes dan wel mislukking. Ik lig nog steeds op bed en ben de hele dag niet buiten geweest. Het is 20.00 uur. Ik heb afgesproken om naar de film te... Lees meer

Tip: Durf hardop te dromen

Durf hardop te dromen

Rose Doolan vertrok jaren geleden naar San Francisco, met wilde plannen en weinig budget. Lees meer

 De blinddoek komt af

De blinddoek komt af

Vrouwe Justitia heeft haar blinddoek afgenomen. Lees meer

Column: Mammie

Mammie

'Arme mammie, sorry mammie!', hoort Trudy in de wachtkamer van het ziekenhuis. De irritatie die dit oproept komt vanuit een nooit gedichte kloof in het verleden. En dat heeft alles met het woord 'mammie' te maken. Lees meer

Alles vijf sterren: Lava, zonlicht en Dracula

Lava, zonlicht en Dracula

Deze week sterren voor twee klassieke films en een zonnige wekker. Lees meer