nieuwsbrief
menu Asset 14

Giacomo's Fluit

Artikel Gastbijdrage
Beeld Agnes Loonstra
Mail

Toen ik badmeester werd (zwemseizoen ‘85 – ‘86) was alles anders. Het water was kouder, in de eerste plaats. Dieper ook. De diepe kant van het bad was bijna zeven meter diep, en als dat je te diep was kon je in het pierenbadje gaan duiken tot je kop uit elkaar spatte. De ondiepe kant van het bad was nog dieper, een maatregel ingesteld door de voorzitter van de ZFCNS, en telde op een vochtige dag zo’n twaalf en een halve meter.

Wie in die tijd de bodem van het ondiepe haalde kon er vanuit gaan dat bij bovenkomst zijn trommelvliezen, geperforeerd, helemaal over zijn nieuwe zwemhemd heen zouden bloeden. Omdat het water hierdoor (én doordat het eten in het bad – “één patat nat alstublieft” – nog toegestaan was) viezer was dan wij nu gewend zijn, was het chloorgehalte een stuk hoger, en bovendien was het geen chloor maar natriumperoxide, waardoor het zwemmen een stuk stroever ging, en het water in staat was de Japanse rugtattoeage van een volwassen man te doen oplossen in een groene wolk.

Zwemdiploma’s zagen er ook anders uit. Groter, met name. Zo groot als een kleine auto ongeveer, en gemaakt van een heel duur soort hout. In dat hout werden bij het behalen van je diploma je portret, je naam, en je beste glijbaantrucs gekerfd. De reden dat het zwembad deze diploma’s (die zo’n zevenduizend gulden per stuk kostten) kon betalen is dat bijna niemand zijn diploma haalde. In de tijd dat ik badmeester was, was er maar één iemand die het voor elkaar kreeg, een jongen van tien, Rocket Strauss heette die, en hij overleed drie maanden na het behalen van zijn A-brevet aan de gevolgen van een achtbaanongeluk.

Ook ik had geen diploma. Mijn aanstelling als badmeester had ik te danken aan mijn toenmalige vriendin, die in de cafetaria van het zwembad de frikadellen rangschikte. Zij deed een goed woordje voor mij bij de directeur en ik kon aan de slag. Ik begon als badknecht maar maakte veel vooruitgang en kon al snel mijn eigen badknecht inlijven. Giacomo heette mijn badknecht, en het was een goeie jongen, ook al maakte hij veel fouten. Zijn belangrijkste tekortkoming was dat hij zijn zwembroek niet vaak genoeg waste.

Veel mensen denken dat je een zwembroek niet echt hoeft te wassen maar het binnennetje van Giacomo bewees het tegendeel. Giacomo was ondanks zijn exotische naam een ontzettend lelijk kereltje, en het feit dat hij constant in zijn zwembroek scheet hielp ook niet echt.


Illustratie: Agnes Loonstra

Mijn uiteindelijke ontslag heb ik aan Giacomo te danken. Ik was ondanks zijn tekortkomingen snel van hem gaan houden en hij heeft die liefde gebruikt om mijn positie als badmeester voor zichzelf te veroveren. Na een sluw spel, waarin Giacomo doortrapter en meer trefzeker was dan zijn bezoedelde zwemkleding deed vermoeden, was mijn meesterstatus niet langer houdbaar en kon ik gaan douchen en naar huis. Dit was in september ‘86, en voor zover ik weet zit Giacomo nog steeds op de Hoge Stoel.

Het doet pijn, dat zeker, maar het maakt mij niet meer boos, niet zoals toen in ieder geval, dat Giacomo mijn liefde op deze manier heeft misbruikt. Een leven lang boos zijn, daar heeft niemand wat aan, zeg ik soms tegen mijzelf.

Soms zeg ik ook, die Giacomo, wat een vent. Dat hij dat klaar heeft gespeeld is toch heel wat. Zeker voor iemand die geboren is met een gekloofde hersenpan en twee luie ogen. Maar als ik aan die ogen denk, met hun bruine irissen en melkwitte waas, als twee cappuccino’s uitgeschonken door een Napolitaanse barista, kan ik niet anders dan denken dat Giacomo altijd uit liefde heeft gehandeld. Zelfs toen hij mij impliceerde in de dubbele saunamoord die mijn uiteindelijke vertrek betekende, handelde hij uit liefde.

Dus Giacomo, als je dit leest, het geeft niet, ik heb je vergeven. Ik heb geleefd, liefgehad, misschien niet meer zoals ik jou liefhad, maar toch. Giacomo, ik wil dat je alléén nog aan mij denkt bij het zien van de spelende kinderen in het bad, en dat je je herinnert hoe wij ooit, lang geleden, samen in dat bad zwommen. Dat we elkaar onderspatten en op elkaars fluitje bliezen, en dat het een mooie tijd was.

__

Dit is een gastbijdrage van Jim Bosveld.


Agnes Loonstra is een illustrator uit Utrecht die, naast het maken van kleurrijke en humoristische illustraties en animaties, ook zangeres is in de Nu-Folk band Wooden Soldiers en retro-act Charmony. Ze houdt ook erg van katten en elpees.

Steun ons en word kunstverzamelaar

Hard//hoofd is al bijna tien jaar een vrijhaven voor jonge en experimentele kunst, journalistiek en literatuur. Een walhalla voor hemelbestormers en constructieve twijfelaars, een speeltuin voor talentvolle dromers en ontheemde jonge honden. Elke dag verschijnen op onze site eigenzinnige artikelen, verhalen, poëzie, kunst, fotografie en illustraties van onze jonge makers. Én onze site is helemaal gratis.

Zonder jou kunnen we dit niet blijven doen. Als je ons steunt, dan maken wij jou meteen kunstverzamelaar door je speciaal geselecteerde kunstwerken toe te sturen. Verzamel kunst en help je favoriete tijdschrift het volgende decennium door.

Steun ons
het laatste
Essay: Je bent pas weg als je niet reageert 2

Je bent pas weg als je niet reageert

Moderne communicatie komt met allerhande sociale ongemakken en twijfels. Maarten Buser over nabijheid en afstand en wat Kanye West hiermee te maken heeft.

Actueel Maarten Buser
Beeld Pirmin Rengers
Column: Glitterachtig afscheid

Glitterachtig afscheid

Oud en nieuw doet Iduna Paalman altijd aan glitters en aan afscheid denken. Door die ene oudjaarsavond van 1999.

Columns & Commentaar Iduna Paalman
Beeld Daphne Prochowski
Gedicht: Heilig is de tong waar de waarheid op ligt


Heilig is de tong waar de waarheid op ligt

Yentl van Stokkum brengt in het kader van de Fakeweek een ode aan de tong, die ieder woord kan omkeren tot het klinkt als de waarheid.

Best of 2018 Yentl van Stokkum
Beeld Ka-Tjun Hau
De noodzaak van het nietsdoen

De noodzaak van het nietsdoen

Koen Schouwenburg schrijft over het schemergebied tussen luieren voor de lol en luieren omdat je niet anders kunt. Proust, Kabouterland, Ottessa Moshfegh en Louis-Ferdinand Céline staan hem bij.

Best of 2018 Koen Schouwenburg
Beeld Merlijn van Bijsterveld
Hard//talk: Het beste van 2018

Het beste van 2018

Hard//hoofd zet de tien beste hard//talks van 2018 op een rij.

Actueel Hard talk-redactie

Donkere materie

Marijn van der Leeuw maakte foto's en Selin Kuscu gebruikte die als uitgangspunt voor een kort verhaal.

Best of 2018 Selin Kuscu
Beeld Marijn van der Leeuw
Biechtweek: Kutmus

Kutmus

Als mensen je niet de kans geven om je diepste gevoelens aan hen op te biechten, kun je altijd nog te biecht gaan bij mussen. Een kort verhaal van Wiard van der Kooij.

Best of 2018 Wiard van der Kooij
Beeld Friso Blankevoort
Mag ik even de aandacht

Mag ik even de aandacht?

'Als we onze gestolen momenten willen terugeisen, moeten we eerst erkennen dat de huidige digitale middelen onze vrijheid niet vergroten, maar inperken.'

Actueel Mathijs Hoogenboom
Beeld Chloé Pérès-Labourdette
Filmtrialoog: The Disciples – een straatopera

The Disciples – een straatopera

'Een opera maken met twintig daklozen is vragen om problemen.' Onze redacteuren namen de proef op de som.

Actueel Redactie
Beeld Friso Blankevoort
Messy shit 3

Messy shit

Lot Veelenturf veranderde hun naam en begon daarmee een zoektocht naar hun nieuwe stem. De acceptatie van hun flexibele genderidentiteit vereist ook een onbevooroordeeld luisteren van hen omgeving, aan wie Lot zich opnieuw voorstelt.

Actueel Lot Veelenturf
Beeld Evelien Cambré

Hard//hoofd is al bijna tien jaar een artistieke en journalistieke vrijhaven voor jong talent en experiment. Elke dag verschijnen op onze site eigenzinnige artikelen, verhalen, poëzie, kunst, fotografie en illustraties van onze jonge makers. Helemaal gratis. We kunnen dit niet blijven doen zonder jouw hulp. Als je ons steunt, dan sturen we je als dank de interessantste Hard//hoofd-kunstwerken toe. Word kunstverzamelaar en help Hard//hoofd het volgende decennium door.

Steun ons