nieuwsbrief
menu Asset 14

De kerk

Artikel Kasper van Royen
Mail

Sinds enige tijd reis ik door het land om filosofiecursussen te geven. Vandaag ben ik eigenlijk te ziek om de deur uit te gaan, maar voor een eerste bijeenkomst met een nieuwe groep wil ik geen vervanging regelen. Ik heb dit zo vaak eerder gegaan, met een beetje koorts moet het dan toch ook wel lukken. Zoals gewoonlijk vindt de cursus plaats in een kerk, maar tot mijn verbazing is het ditmaal niet in een of ander bijzaaltje, maar in het heiligdom zelf.

"Een bekende uitspraak van Nietzsche is: God is dood," galm ik vanaf de kansel. Ik voel mijn hoofd gloeien, terwijl er een rilling over mijn rug loopt. De cursisten kraken op hun stoeltjes. Ze kijken me met grote ogen aan, alsof ze zo hun vraagtekens hebben bij wat ik daar sta te verkondigen.
"Ja, nou, hij bedoelde dat natuurlijk niet zo," stamel ik, "het was…"
Ik weet niet meer wat ik wilde zeggen. Toch doe ik mijn mond open, want dan zal er vast wel iets uitkomen. Dat gebeurt ook; de ruimte wordt gevuld door een gerochel van apocalyptische proporties. Ik leun tegen het zeventiende-eeuwse houtwerk, terwijl steken als bliksemschichten in mijn zij prikken. Als ik weer overeind kom zie ik dat sommige cursisten druk aantekeningen aan het maken zijn. "Het is tijd voor koffie," zeg ik. "Over een kwartier gaan we weer verder."
"Maar we zijn nog maar net tien minuten bezig," roept een man verbaasd. "Wel," zeg ik, "tijd is ook maar relatief. En hij heelt alle wonden."

De tweede ‘helft’ gaat aanzienlijk beter dan de eerste. Op zeker moment hoef ik zelfs geen moeite meer te doen. Ik hoor mezelf bevlogen oreren en snedige grappen maken. Het is niet bepaald de stof die ik had voorbereid, maar toch klinkt het alleraardigst. Aan het eind zijn er geen vragen.
"Die komen vanzelf wel," zeg ik geruststellend. "Laat alles wat ik vanavond gezegd heb maar een weekje bezinken, dan hoor ik het de volgende keer."

De cursisten staan op van hun stoeltjes. Terwijl ik de beamer ontkoppel komt er een vrouw met lang grijs haar naar me toe.
"Meneer, ik had toch wel een vraagje, maar die durfde ik zonet niet te stellen," fluistert ze.
"Wel, zegt u het maar," probeer ik aanmoedigend te klinken.
De mevrouw kijkt even naar haar schoenen en richt dan haar blik weer op mij.
"Heeft het leven zin?" vraagt ze.
Ik staar naar het kruis achter haar en begin het opeens weer koud te krijgen. "Dat is een vraag dat is een vraag dat," zeg ik.
"Wat?" vraagt zij.
"Daar gaan we het nog over hebben, bedoel ik, in de komende weken."
"Oh, ik dacht, ik vraag het maar even, maar dan hoor ik het dus nog wel."
"Geen enkel probleem."

De koster heet Ravenswaaij en is een goedlachse man die constant over zijn buikje wrijft.
"Nou, volgens mij hebben ze een hoop opgestoken, ik zag het in hun oogjes," zegt hij vertederd.
"Ja, ik hoop het maar," mompel ik. Ik pak mijn tas en steek mijn hand omhoog. "Tot volgende week dan."
"Tot volgende week."

Illustratie: Gino Bud Hoiting

Onderweg naar de uitgang bedenk ik dat het verstandig is om even mijn blaas te legen. Het duurt immers nog een bus en een trein en een tram voordat ik thuis zal zijn. Ik plas vanuit mijn tenen, was m’n handen en neem een slok water. Dan doe ik de wc-deur open en staar in het aardedonker. Met lood in mijn schoenen loop ik naar de voordeur. Ik draai aan de knop en mijn vermoeden wordt bevestigd. "Meneer Ravenswaaij, meneer Ravenswaaij," roep ik terwijl ik door alle ruimtes heen wandel. Met iedere echo dringt de waarheid iets verder tot mij door. Ik zit opgesloten.

Er is geen reden tot paniek. Ik heb immers vorige week nog met Ravenswaaij gebeld, dus zijn nummer staat in mijn telefoon. "U wordt doorgeschakeld," zegt een stem aan de andere kant van de lijn. Dan is het even stil. Ik slaak een gil wanneer achter mij een telefoon rinkelt. Ik wil opnemen, maar bedenk dan dat ik het zelf ben. Vervolgens word ik getroffen door een helse koppijn. Met het licht van mijn telefoon vind ik een bankje om op te zitten. Ik herinner me dat ik nog een ander nummer heb, een privé-nummer. Hij gaat bijna vijf minuten lang over. Ik wil ophangen, maar dan wordt er opgenomen door een mevrouw.

"Ravenswaaij woont hier niet, u spreekt met Corinne Valk. U heeft mij wakker gebeld. En ik heb een jetlag van jewelste, want ik kom net terug uit Brazilië." "Oh," zeg ik, "Brazilië." Even weet ik niet meer of dat nou een land is of een gerecht.
"Maar hoort u eens," zegt Corinne. "Nu ik toch eenmaal wakker ben, laat mij u dan maar helpen, dan is het tenminste allemaal niet voor niets geweest."
Ik leg Corinne de situatie uit. Zij blijkt zowaar een blauwe maandag in het bestuur van deze kerk te hebben gezeten.
"Dat is toch bizar toevallig?" zegt ze. "U was dan wel verkeerd verbonden, maar toch niet helemaal verkeerd."
Ze kent nog wel iemand die een sleutel moet hebben.
"Ik ga een papiertje pakken om uw nummer op te noteren, dus dan leg ik nu de telefoon even op het nachtkastje en dan ben ik er zo weer," zegt ze.
Ik hoor een knal aan de andere kant van de lijn.
"Meneer Royen, bent u daar nog?" vraagt Corinne.
"Ja," zeg ik.
"U was van het nachtkastje gevallen, ik had u niet goed neergelegd, want ik heb mijn bril niet op," zegt Corinne.
"Oké, ik begrijp het, geen probleem," zeg ik.
"Ik houd u nu gewoon veilig in de hand en dan ga ik eerst even mijn bril zoeken, voordat er nog meer ongelukken gebeuren."
"Ja, dat is goed."
Buiten stormt het. Een hol gehuil verplaatst zich door de kieren van het gebouw.

Ik hang al bijna een halfuur met Corinne aan de lijn, terwijl ik mij steeds meer zorgen begin te maken of de batterijen van mijn telefoon het zullen redden en of er eigenlijk nog wel nachttreinen gaan. Maar wanneer dan eindelijk bril, een stuk papier en een pen gevonden zijn, laat Corinne me weten dat hulp onderweg is en alles goed zal komen. Wanneer ik ophang, gloeit mijn oor helemaal. Het bankje is klein en hard, maar toch probeer ik te liggen. Even mijn ogen dicht doen kan geen kwaad. Het kruis hangt aan de muur, het Grote Niets waakt over mij. Hopelijk zal ik niet te erg schrikken wanneer de deur zo openzwaait.


Kasper van Royen is Hard//hoofd-redactielid, is naast vader ook filosoof, ex-docent, ex-dichter, ex-echtgenoot, popfetisjist en postbode.

Steun ons en word kunstverzamelaar

Hard//hoofd is al bijna tien jaar een vrijhaven voor jonge en experimentele kunst, journalistiek en literatuur. Een walhalla voor hemelbestormers en constructieve twijfelaars, een speeltuin voor talentvolle dromers en ontheemde jonge honden. Elke dag verschijnen op onze site eigenzinnige artikelen, verhalen, poëzie, kunst, fotografie en illustraties van onze jonge makers. Én onze site is helemaal gratis.

Zonder jou kunnen we dit niet blijven doen. Als je ons steunt, dan maken wij jou meteen kunstverzamelaar door je speciaal geselecteerde kunstwerken toe te sturen. Verzamel kunst en help je favoriete tijdschrift het volgende decennium door.

Steun ons
het laatste
Essay: Je bent pas weg als je niet reageert 2

Je bent pas weg als je niet reageert

Moderne communicatie komt met allerhande sociale ongemakken en twijfels. Maarten Buser over nabijheid en afstand en wat Kanye West hiermee te maken heeft.

Actueel Maarten Buser
Beeld Pirmin Rengers
Column: Glitterachtig afscheid

Glitterachtig afscheid

Oud en nieuw doet Iduna Paalman altijd aan glitters en aan afscheid denken. Door die ene oudjaarsavond van 1999.

Columns & Commentaar Iduna Paalman
Beeld Daphne Prochowski
Gedicht: Heilig is de tong waar de waarheid op ligt


Heilig is de tong waar de waarheid op ligt

Yentl van Stokkum brengt in het kader van de Fakeweek een ode aan de tong, die ieder woord kan omkeren tot het klinkt als de waarheid.

Best of 2018 Yentl van Stokkum
Beeld Ka-Tjun Hau
De noodzaak van het nietsdoen

De noodzaak van het nietsdoen

Koen Schouwenburg schrijft over het schemergebied tussen luieren voor de lol en luieren omdat je niet anders kunt. Proust, Kabouterland, Ottessa Moshfegh en Louis-Ferdinand Céline staan hem bij.

Best of 2018 Koen Schouwenburg
Beeld Merlijn van Bijsterveld
Hard//talk: Het beste van 2018

Het beste van 2018

Hard//hoofd zet de tien beste hard//talks van 2018 op een rij.

Actueel Hard talk-redactie

Donkere materie

Marijn van der Leeuw maakte foto's en Selin Kuscu gebruikte die als uitgangspunt voor een kort verhaal.

Best of 2018 Selin Kuscu
Beeld Marijn van der Leeuw
Biechtweek: Kutmus

Kutmus

Als mensen je niet de kans geven om je diepste gevoelens aan hen op te biechten, kun je altijd nog te biecht gaan bij mussen. Een kort verhaal van Wiard van der Kooij.

Best of 2018 Wiard van der Kooij
Beeld Friso Blankevoort
Mag ik even de aandacht

Mag ik even de aandacht?

'Als we onze gestolen momenten willen terugeisen, moeten we eerst erkennen dat de huidige digitale middelen onze vrijheid niet vergroten, maar inperken.'

Actueel Mathijs Hoogenboom
Beeld Chloé Pérès-Labourdette
Filmtrialoog: The Disciples – een straatopera

The Disciples – een straatopera

'Een opera maken met twintig daklozen is vragen om problemen.' Onze redacteuren namen de proef op de som.

Actueel Redactie
Beeld Friso Blankevoort
Messy shit 3

Messy shit

Lot Veelenturf veranderde hun naam en begon daarmee een zoektocht naar hun nieuwe stem. De acceptatie van hun flexibele genderidentiteit vereist ook een onbevooroordeeld luisteren van hen omgeving, aan wie Lot zich opnieuw voorstelt.

Actueel Lot Veelenturf
Beeld Evelien Cambré

Hard//hoofd is al bijna tien jaar een artistieke en journalistieke vrijhaven voor jong talent en experiment. Elke dag verschijnen op onze site eigenzinnige artikelen, verhalen, poëzie, kunst, fotografie en illustraties van onze jonge makers. Helemaal gratis. We kunnen dit niet blijven doen zonder jouw hulp. Als je ons steunt, dan sturen we je als dank de interessantste Hard//hoofd-kunstwerken toe. Word kunstverzamelaar en help Hard//hoofd het volgende decennium door.

Steun ons